Onze nationale luchthaven: Schiphol

Onze nationale luchthaven is, zoals mag blijken, een vreemde eend in de bijt als het aankomt op het gebruik van de landstaal op de aanwijzingsborden. Een vreemde eend, omdat elk niet-Engelstalig land zijn landstaal naast het Engels of zelfs een derde taal plaatst. Op Schiphol daarentegen verschijnt het Nederlands her en der nog in kleine letters en voor de rest is het simpelweg weggelaten.

De directie van Schiphol gebruikt als argument dat het plaatsen van een tweede taal verwarrend werkt en zorgt voor een wirwar van borden. Dat is vreemd. Want wie een beetje let op de luchthavenborden in de landen om ons heen kan toch niet anders dan tot de conclusie komen dat dit argument op lucht gebaseerd is. De borden van bijvoorbeeld Boedapest en Málaga zijn uniform qua grootte, kleurstelling, lettertype en taalkeuze. Op Schiphol zie je soms grote, soms kleine borden, hier zijn ze geel, daar zwart, soms met grote, soms kleine letters. De grote letters zijn Engels, de kleine Nederlands, maar op veel borden ontbreken die eenvoudigweg. Over verwarring gesproken.

Naast het voorbeeld van andere luchthavens in niet-Engelstalige landen, is er nog een reden te noemen voor consequent tweetalige bebording. Mensen die in hun eigen land al hard op het Nederlands gestudeerd hebben met het oog op een verblijfstitel, zoals niet-westerse immigranten, of uit pure interesse, moeten op Schiphol meteen kunnen constateren dat dat niet voor niets is geweest, dat men hier in dit land de eigen taal serieus neemt. Met andere woorden bij  ‘gate’, ‘trains’, ‘toilets’, ‘baby care’, ‘conference rooms’ moeten ze de Nederlandse equivalenten zien staan. En wat te denken van de honderdduizenden Nederlandstalige reizigers? Waarom mogen die niet met dezelfde hoffelijkheid worden bejegend als bij bijvoorbeeld de Eiffeltoren en vele andere toeristische attracties in de buurlanden. Daar staat vaak ‘welkom ’of er liggen Nederlandstalige boekjes en folders. Bij terugkomst in eigen land worden ze begroet in de taal van een ander land: ´Welcome to Schiphol Airport´.

Aangezien, zoals we zagen, de Nederlandse overheid eigenaar is van Schiphol en diezelfde overheid een taaleis stelt aan niet-westerse migranten, is er op zijn zachtst gezegd alle reden voor vraagtekens te zetten bij de overwaardering van het Engels op de luchthaven.

Schiphol bewegwijzering
Borden geheel Engelstalig op Schiphol.
Schiphol2
Je vraagt je af wat er mis is met het woord ´aankomsthal’?
Schiphol3
Je waant je totaal niet in Nederland.
Schiphol4
Het kan dus wel…. Maar waarom dan zo denigrerend in kleinere letters onderaan en niet andersom?

 

3 gedachten over “Onze nationale luchthaven: Schiphol

  1. Erger me er op Schiphol altijd dood aan dat op de aanwijsborden het Nederlands tot een soort tweederangs taal gedegradeerd wordt, alsof het een soort achterlijk boerendialect is en soms helemaal achterwege gelaten wordt. Aan de andere kant probeert de luchthaven zich weer nationaal te profileren met “typisch Nederlandse” iconen, zoals de eeuwige tulpjes, Volendamse boerinnetjes, molentjes, trapgeveltjes, Delftsblauwe tegeltjes en andere meuk waar Het Nederlandje groot in denkt te zijn. De kneuterigheid druipt er van af en vormt een schril contrast met al die dominante Engelstalige opschriften, die je bijna het gevoel geven dat je in een bezet land woont. Vind het een goed idee om op de bewegwijzering van Schiphol (of heet het inmiddels al “Shiphole”?) het Nederlands bovenop te plaatsen, met daaronder als vriendelijk gebaar het Engels. Dat geeft meer een eigen identiteit weer dan wat opgeverfde klompjes en tulpjes. En laat op grote afbeeldingen ook wat zien van de dynamiek en het innovatietalent van Nederland; landaanwinning van Leeghwater tot Lely, de groei van Schiphol, oude en nieuwe architectuur, uitvinding van de microscoop en de CD, industriële vormgeving, of (ik noem maar wat) een moderne kaasfabriek.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *